vrijdag 18 januari 2019

Isla Pinos

Woensdag 5 december 2018 tot en met dinsdag 11 december 2018

Positie Isla Pinos: 9°00.006 N 77°45.679 W
Na twee nachten gaan we met de Nederlandse flottielje ankerop en gaan we op de motor, met de fok als steunzeil, naar een bekende ankerplek: het mooie eiland Pinos. Op 6 december nodigen we de bemanning van de Ocean Goose en de Ikinoo uit voor een borrel op de Rafiki. Marlene verrast het gezelschap met versgebakken pepernoten, Hollandser kan het op deze verjaardag van Sint Nikolaas niet worden! Na twee dagen gaan de Ocean Goose en de Ikinoo ankerop maar de Rafiki blijft nog voor anker. Wij willen op het eiland nog onze nieuwe dinghy verven. Aan het strand van het eiland Pinos verbeteren we de ophanging van de motor en de onderkant van ons bijbootje wordt netjes geschuurd en wit geverfd.

Ondertussen zijn er twee boten op de ankerplek bijgekomen. Het is de Engelse boot Lasgair met als bemanning Jay, Fiona met hun kinderen Poppy en Cloe. De andere boot heeft de Oostenrijkse vlag en heeft de naam “Snowflake”. De opvarenden van deze boot zijn Flo, Nina en hun kinderen Kiano en MoMo. Met deze drie boten organiseren we twee keer in de namiddag een voetbalwedstrijd: “de jongens tegen de meisjes”. Er wordt met dit groepje veel afgelachen tijdens dit spelletje en we vinden het dan ook jammer wanneer zij ankerop gaan en hun reis vervolgen.

De laatste dag op eiland Pinos willen we gebruiken om een rondje rond het eiland te lopen. Van de bemanning van de Rhapsody hebben we vernomen dat je niet helemaal rond kunt lopen, maar, eigenwijs als we zijn, willen we dit toch zelf proberen. We beginnen de wandeling bij het strandje, vlakbij de ankerplek. We lopen eerst naar het dorp en vandaar begint onze tocht. 

Het speelterrein van de kuna-jeugd.

Hier wordt een nieuw huis gebouwd.

Het wandelpad van het strand naar het dorp. 
Waar het moerassig is, wordt een bruggetje gemaakt van een aantal planken.

Er liggen een aantal halve bomen langs het pad naar het dorp. 
Wij dachten dat deze bestemd waren voor het maken van ulu's, maar verkeerd gedacht. 
Ze zagen met een motorzaag hier planken van.

En dit is het resultaat.

Het eiland heeft naast het pittoreske dorpje ook een prachtige natuur. Aan de ruige noordkust wisselen de rotsformaties zich af met mooie strandjes tussen de talrijke palmbomen. Wanneer we voor ¾ rond zijn, komen we in een moerasgebied uit waar ook de weg, of beter gezegd het paadje, stopt. We zijn bekaf en zitten vol met krassen en sneetjes van de scherpe stengels en takken. Het is moeilijk om steeds een paadje te vinden of iets wat hierop lijkt. We proberen op verschillende manieren door het moerasgebied te komen en juist wanneer we de moed op willen geven, vinden we toch een doorgang en kunnen we toch het rondje voltooien. We realiseren ons pas bij terugkomst bij de boot, dat het veel later is dan dat we dachten. Teruglopen had ingehouden dat we een groot gedeelte van het traject in het donker hadden moeten afleggen. In daglicht was de route al moeilijk te vinden. Hoe we dit in het donker hadden moeten doen zonder licht.....



Prachtige wandeling langs de noordkust.

De groene giftige kikker.


En we zien nog wat paddestoelen.

Voor de boten die dit ook willen doen, hebben we een belangrijke tip: doe ons dit niet na, de Rhapsody heeft gelijk: loop alleen de noordkust en loop dan terug!

woensdag 9 januari 2019

Puerto Escoses, op zoek naar Fort Andrew

Dinsdag 4 december 2018

Positie Puerto Escoses: 8°49.877 N 77°38.034 W
De volgende dag gaan we samen met Hans van de Ikinoo op zoek naar fort Andrew. Dit is een fort dat in 1698 gebouwd is door de schotten die hier een vestigingsplek wilde maken. Na 4 jaar is dit plan gestaakt en is ook Fort Andrew verlaten door de Schotten. Het leven in dit tropisch regenwoud was voor de Schotse bewoners te zwaar. Van de 3.000 Schotten, die zich hier wilden vestigen, zijn er 2.000 door honger en ziektes gestorven.

Het tropisch oerwoud is ook voor ons ondoordringbaar, we kunnen ons nauwelijks een weg banen door de dichte begroeiing en helaas kunnen we de ruïnes van Fort Andrew niet vinden. We vinden wel een verlaten Kuna dorpje aan het strand.
Verlaten strand met op de achtergrond de verlaten huizen.

Hans en Loud diep in het gesprek, waarover…….?????

Zijn dit de laatste resten van Fort Andrew?????

Geen mensen, maar wel een bananenplantage.






We vinden aan de waterkant nog een oude ulu.


We nemen een kijkje in een van de verlaten huisjes.

Van een halve kalabas is een soeplepel gemaakt.

Een ladder gemaakt van een palmstam. Ze gebruiken deze voor reparaties aan het dak.

Aan 1 van de wanden hangt een kistje met de inventaris van het huis, 
een soeplepel, een kokosrasp en dat is het ongeveer.

La Miel – Puerto Escoses

Maandag 3 december 2018

Positie Puerto Escoses: 8°49.877 N 77°38.034 W
Op maandagmorgen zijn we blij dat we hier kunnen vertrekken, we snakken naar goede nachtrust, een rustige ankerplek. Wanneer we op het punt staan om het anker uit het zand te trekken, zien we op de AIS signalen van twee naderende zeiljachten, beide met een Nederlands roepnummer. We roepen een van de schepen met de VHF op en het blijkt dat ook de opvarenden Nederlands zijn. De schipper van de Ikinoo vertelt ons dat zij samen onderweg zijn met de Ocean Goose, ook een Nederlandse boot met Nederlandse opvarenden. Zij zijn net als ons onderweg naar Obaldia. Zij komen uit Colombia en gaan hier inklaren, wij daarentegen gaan naar Obaldia om alleen de immigratie-stempel van Panama te halen.

Op de klotsende ankerplek voor Obaldia maken we kennis met Hans en Sonja van de “Ikinoo” en Wijnand en Marlies van de “Ocean Goose”. We besluiten om na het afhandelen van de grensformaliteiten samen voor anker te gaan in de baai met de mooie naam Puerto Escoses, 10 nm verderop. Na het nodige stempelwerk en een tochtje op de motor gaan we eindelijk weer eens voor anker in kalm water.

Een paar verlaten huisjes op het water...….

…………. en 3 Nederlandse boten voor anker (Ikinoo, Ocean Goose en Rafiki) 
in deze verder verlaten baai.

maandag 7 januari 2019

Sapzurro

Zondag 2 december 2018

Positie La Miel: 8°40.126 N 77°22.206 W
We wandelen vandaag weer over de heuvel naar Sapzurro. Dit grensplaats van Colombia heeft bij de Colobianen een grote aantrekkingskracht. Het dorp is alleen bereikbaar per boot of te voet, geen auto's dus maar wel paard-en wagen en scooters/brommers en je kunt zonder een visum naar Panama lopen. In het verleden was Sapzurro met name bekend, of beter nog berucht, om zijn smokkelactiviteiten.

Alle bezoekers en de complete bevoorrading van deze gemeenschap gebeurt over het water. Het dorpsplein ligt aan de aanlegsteiger van de vrachtbootjes en de passagierslancha's. Het is interessant om deze drukte hier op de pier te volgen. Op het marktplein is de plaatselijke bevolking samen met de dagjesmensen aan vertieren onder het genot van een ijsje of een koel flesje bier. Er hangt een gemoedelijke sfeer in dit, in zekere zin toch unieke, plaatsje.


Alle producten worden aangeleverd met een boot.


Apotheek.

2 steunen van de ladder staan op 1 steen, 1 steun staat op vaste ondergrond en de laatste steun hangt vrij. 
Een arbodienst hebben ze hier nog niet.


Mooi uitzicht over de baai van Sapzurro. Met goed weer zie je de riffen duidelijk.

Aan het einde van de dag maken we de Rafiki klaar voor de tocht van morgen naar Obaldia, voor onze laatste stempel. We zijn blij dat we bevrijd worden van de ankerplek hier bij La Miel: de ankerplek ik nagenoeg niet beschut en door het rollen van de boot over de golven, de zogenaamde “swell”, is het bijna niet mogelijk om goed te slapen.

La Miel, vrachtschip arriveert

Zaterdag 1 december 2018

Positie La Miel: 8°40.126 N 77°22.206 W
De ankerplek bij La Miele is erg oncomfortabel, we rollen dag en nacht over de golven die ongestoord de open baai binnen komen rollen. Wanneer op de pier een aftandse Panamese vrachtboot aanmeert, ontstaat een interessante bedrijvigheid aan de stijger. Talloze lancha's komen goederen, verpakt in handzame kratjes en dozen, lossen van dit schip. Dit overladen gaat in het weekend en zelfs 's avonds door. Een gedeelte van de lading wordt opgeslagen in een paar loodsen in het dorpje La Miel, een ander gedeelte wordt met de lancha's uit de baai gevaren richting Colombia. We hebben de indruk dat veel van deze handel toch niet geheel legitiem is, ondanks de voortdurende aanwezigheid van de Panamese douane en kustwacht.

Toen de boot aankwam, lag het gehele voordek vol. Helaas hebben we hier geen foto van.


Lancha's varen volgepakt naar La Miel of de bocht om naar Sapzurro (Colombia).


De Pelikanen hebben hun buikje vol.

zaterdag 5 januari 2019

Mooie wandeling naar Capurgana waar we in- en uitklaren in Colombia

Vrijdag 30 november 2018

Positie La Miel: 8°40.126 N 77°22.206 W
In alle vroegte gaan we naar het strand van La Miel en gaan te voet de heuvel over naar Colombia. Op de top van de heuvel is de officiële grens van Panama en Colombia met de militaire grensbewaking van beide landen gebroederlijk tegenover elkaar. 


Boven op de heuvel passeren we eerst het bord van Panama en daarna het bord van Sapzurro, Colombia.

We gaan verder naar de grensplaats Sapzurro. Dit is een typische bacpackers/toeristen plaats. Voor alle dorpen hier aan de kust geldt dat de heuvels en het oerwoud zo onbegaanbaar zijn dat het nagenoeg onmogelijk is om wegen aan te leggen. De enige mogelijkheid over land is te voet over steile paadjes en veel trappen. Het overgrote gedeelte van de inwoners en toeristen verplaatsen zich over het water, waar ook alle goederen over aangevoerd worden.

Om het nog wat ingewikkelder te maken, er is in Sapzurro geen douane. De immigratie en douane is gevestigd in een plaatsje verderop, Capurgana. Omdat we toch bezig zijn, besluiten we om ook hier te voet naar toe te gaan. Deze tocht van een kleine 4 km bestaat uit steile, rotsige paadjes en mooi aangelegde houten trappen en leidt ons door een dicht regenwoud. 




Het kerkhof van Sapzurro.

Uitkijktoren op het hoogste punt met aan de ene kant een mooi uitzicht over de baai van Sapzurro 
en aan de andere kant de baai van Capurgana.

Baai van Capurgana.

Baai van Sapzurro. Aan de andere kant van de landtong ligt de Rafiki.
Een deel van het parcour is voorzien van steile houten trappen.

Het dorpje Capurgana is wat groter als Sapzurro, maar is ook een dorpje wat voornamelijk leeft van het toerisme. Ook dit dorp is alleen te voet, per boot en per vliegtuig (er is hier een kleine landingsstrip voor propellervliegtuigjes) bereikbaar, dus zijn er geen auto's, alleen wat brommertjes en paardenwagens. Talloze restaurantjes, hotels en hostels bepalen het straatbeeld. Capurgana is geen mooie plaats en wij verbazen ons dan ook over de populariteit die dit dorp geniet. Mogelijk dankt dit plaatsje zijn populariteit aan de vele wandeltochten in de jungle die hier aangeboden worden.



We laten ons paspoort in de morgen stempelen en we zijn vanaf dan dus officieel in Colombia. We verkennen Capurgana een beetje en gaan bij een restaurantje genieten van een lekkere maaltijd en internet. Dit laatste hebben we al een paar dagen niet meer gehad.

Om 3 uur in de middag gaan we terug naar de douane en halen de uitreisstempel. De klautertocht terug naar Sapzurro is voor mij, Loud, te veel van het goede en dus nemen we een van de vele taxi-lancha's terug naar Sapzurro. Vervolgens wandelen we nog de heuvel over naar La Miel en zijn we weer terug in Panama op onze Rafiki. Missie volbracht, 3 van de 4 stempels zijn in de pocket.